Videobewerking Codecs
Dit zijn de veelgebruikte codecs
DivX

DivX is een standaard om digitale videobestanden compact op
te slaan door gebruik te maken van een compressiealgoritme dat geoptimaliseerd is voor videobeelden.
Om bestanden in DivX-formaat te kunnen opnemen of afspelen,
hebben multimediaprogramma's een zogenaamde codec voor dit algoritme nodig.
In steeds meer hardware wordt een DivX-codec ingebouwd.
Aan de codec zelf wordt doorgaans ook gerefereerd met het woord DivX.
Mpeg

MPEG heeft een aantal compressieformaten gestandaardiseerd.
Elk formaat heeft een onbekend aantal codecs.
Doordat de bitstream en de decoder gestandaardiseerd is,
kan een decoder van een bepaald formaat, iedere MPEG-bitstream van dat formaat decoderen.
De codec waarmee een bepaald bestand geëncodeerd werd is dus voor de decoder niet van toepassing.
Mpeg1
MPEG-1 (1991) is de initiële compressiestandaard voor video en audio door de Moving Picture Experts Group.
Later werd deze gebruikt als standaard voor video-cd.
Het formaat beschrijft ook het populaire Layer 3 (MP3) audiocompressieformaat.
De videocodec is enkel van toepassing voor niet-geïnterlinieerde beelden.
Het formaat beschrijft verder ook nog synchronisatie en multiplexing van video en audio,
procedures om de conformiteit te testen, en referentiesoftware.
mpeg2
Het MPEG2-formaat (niet te verwarren met MP2, MPEG-1 Audio Layer 2) is voornamelijk
ontwikkeld voor het transporteren van digitale kwalitatieve video en audio voor broadcasttelevisie.
Het wordt gebruikt voor terrestriale digitale televisie over
de lucht (ATSC, DVB en ISDB), broadcasting over satelliet
(DirecTV), en digitale kabeltelevisie.
Ook heeft het (met een kleine aanpassing) zijn toepassing gevonden op DVD-videodiscs.
mpeg3
Oorspronkelijk werd MPEG-3 (niet te verwarren met MP3, MPEG-1 Audio Layer 3) ontworpen voor HDTV,
maar toen duidelijk werd dat soortgelijke resultaten konden bekomen
worden door kleine aanpassingen aan MPEG-2 door te voeren,
werd besloten om het verder ontwikkelen van MPEG-3 te beëindigen.
mpeg4
MPEG-4 is een uitbreiding van MPEG-1 om video/audio-“objecten” te ondersteunen,
3D-inhoud, lage bitrate-encoding en DRM (Digital Rights Management).
Als bestandsformaat koos de Motion Pictures Experts Group voor het Quicktime-bestandsformaat,
ontwikkeld door Apple.
Dit was niet naar de zin van Microsoft die graag hun eigen bestandsformaat in de ISO had zien opnemen,
waarop zij prompt op de proppen kwamen met een eigen versie van MPEG-4.
Het is overigens op deze (gesloten en incompatibele) Microsoft-variant
v
an MPEG-4 dat het populaire DivX gebaseerd werd.
In samenwerking met het Joint Video Team (JVT) werd een geavanceerde videocodec ontwikkeld.
Deze kreeg de naam H.264, maar dient vanzelfsprekend enkel als referentie.
Softwareleveranciers kunnen, conform de ISO-standaard,
hun eigen codecs en bijhorende encoders ontwikkelen,
als dit een meerwaarde kan betekenen voor de door hen aangeboden producten.
Enkele voorbeelden hiervan zijn Apple en 3ivx.
VcD

De video-cd of kortweg VCD is de voorloper van de dvd.
Een video-cd is een cd-schijfje van dezelfde grootte, maar bevat als inhoud alleen beelden,
geen menu's, meertalige ondertitels of andere extra's.
De kwaliteit is vergelijkbaar met een VHS-videocassette maar is beduidend lager dan die van een dvd.
Bij snel bewegende beelden kan het beeld schokkerig worden.
Tegenwoordig zijn er in Europa nauwelijks video-cd's meer verkrijgbaar.
In Azië (zoals Japan en China) zijn video-cd's nog wel populair.
De VCD-standaard werd in 1993 geïntroduceerd.
De VCD-weergaveresolutie is 352x240 pixels (NTSC) of 352x288 pixels (PAL).
De compressie is in MPEG-1-formaat; audio wordt gecodeerd als MPEG Layer 2 (MP2).
De data wordt opgeslagen met 1150 kbps, de audio met 224 kbps.
Er kan ongeveer 74 minuten aan beeld en geluid op een schijfje,
dus voor de meeste speelfilms zijn twee schijfjes nodig.
Het is niet moeilijk om zelf videofilms op een video-cd te branden met een cd-schrijver.
Video-cd's kunnen meestal wel worden afgespeeld op dvd-spelers.
Ook een CD-i speler met een videocartridge geïnstalleerd kan dit formaat afspelen.
Een video-cd mag niet worden verward met een cd-video.
Xvid

XviD is een bestandsformaat om digitale videobestanden compact op te slaan.
Het is de opensourceversie van DivX,
ontwikkeld om meer compatibel te zijn met Linux en andere opensourcebesturingssystemen.
Door het feit dat XviD geen commercieel product is,
maar volledig gratis,
is de verscheidenheid van XviD-programma's en -specificaties veel groter.
XviD biedt objectief gezien een betere kwaliteit dan DivX terwijl de bestandsgrootte kleiner is.
Met XviD kan 120 minuten dvd-formaat omgezet
worden naar een AVI-bestand van 700 MB zonder al te veel beeldverlies.
Het verschil is wel merkbaar maar miniem.
Ook wordt XviD gebruikt voor een groot gamma van andere toepassingen zoals 5.1-geluid en ondertiteling.
De naam XviD is niet zomaar gekozen. XviD is precies het omgekeerde van DivX.
H264

H.264, MPEG-4 Part 10 of AVC (Advanced Video Coding) is een digitale video codec,
die een heel sterke compressie van videobeelden nastreeft.
Door de sterke ontwikkeling van het internet is het aantal internetdiensten ook sterk toegenomen.
Gezien ook de opslagcapaciteit en processorsnelheden ook sterk zijn toegenomen
kan de nood aan een verbeterde codec niet zo groot lijken,
maar een sterkere compressie brengt ook andere voordelen met zich mee, nl.
een betere kwaliteit bij een zelfde bandbreedte bij streaming video
snellere downloadtijden van videobestanden
nog betere kwaliteit op DVD’s
langere films op een DVD
...
Daarom besloten ITU-T VCEG en ISO MPEG hun krachten te bundelen en richtten
ze het Joint Video Team (JVT) op, om samen een nieuwe videocoderingsstandaard te ontwikkelen: H.264/AVC.